Schadevergoeding van seksueel misbruik

Datum garantstelling: 
1 februari 2004

Voor slachtoffers van seksueel misbruik is het lastig om hun schade vergoed te krijgen. Als daders onvermogend zijn blijven slachtoffers zelf met hun (aanzienlijke) schade zitten. Het fonds steunde vanaf 2004 een zaak waarbij werd geprobeerd de schade op de verzekering van de dader te verhalen.

Omschrijving zaak
Een slachtoffer van seksueel misbruik probeert haar schade vergoed te krijgen van de AVP-verzekeraar van de dader. Deze heeft, op advies van het Verbond van Verzekeraars, de polisvoorwaarden aangepast, waardoor alle schade ontstaan ten gevolge van seksuele handelingen van dekking wordt uitgesloten. De procedure stelt de vraag centraal of deze massaal door verzekeraars overgenomen wijziging in de polisvoorwaarden strijdig is met de Mededingingswet, nu er sprake zou zijn van kartelvorming.

Het bestuur van het Proefprocessenfonds is van mening dat het slachtoffer haar schade uitbetaald moet krijgen door de verzekering van de dader. Het fonds staat garant voor de proceskosten en betaalt de griffierechten.

Rechtbank Utrecht
datum uitspraak: 
6 juli 2005

De Rechtbank Utrecht heeft op 6 juli 2005 de vordering afgewezen

Gerechtshof Amsterdam
datum uitspraak: 
3 juli 2008

Ook in hoger beroep is de vordering door het Gerechtshof te Amsterdam op 3 juli 2008 afgewezen.
Het Proefprocessenfonds heeft in 2009 cassatieadvies ingewonnen en heeft een cassatiedagvaarding uitgebracht.

Hoge Raad
datum uitspraak: 
1 februari 2010

De zaak stond voor advies bij de Advocaat Generaal in februari 2010.
Het ging in cassatie met name om de vraag of de AVP verzekeraar van de dader een beroep toekomt op de uitsluiting van de polis in seksuele gedragingen. Deze uitsluiting is naar de maatstaven van redelijkheid en billijkheid niet onaanvaardbaar en ook niet strijdig met de Mededingingswet aldus de Hoge Raad. De Hoge Raad volgt het advies van de Advocaat Generaal en verwerpt het cassatieberoep

Stand van zaken